“Gelukkeling”

Soms groots, maar meestal klein

Een ander zegt ‘tel je zegeningen’. Ik tel mijn geluksmomentjes, soms groots maar meestal klein.

Er was eens een vriendje en die introduceerde bij mij de woorden romantelijk, gelukkeling en geluksmomentjes. Als een puber zo verliefd; ik vond het ge-wél-dig.

Al spoedig kwam het moment dat hij niet meer romantelijk was en ik niet meer een gelukkeling.

Ik heb nu een kerel die zegt “Ik hâld fan dy”, dat is ‘myn taal’ daar heb ik wat aan!

Het woord geluksmomentjes is wel heel erg blijven hangen en door heel veel van die momentjes te pakken en in een spreekwoordelijke laatje te stoppen overtref ik alle minder leuke en zelfs moeilijke momenten.

Ik word blij van een wandeltocht, maar dan liefst struinend door de bermen en al bloemen plukkend. Ik kan mijn geluk niet op. Lopend met kramp in de vingers van het dikke boeket bedenk ik dat er heel veel bloemen zijn met dierennamen. Zo wordt een geluksmoment ook nog een bijzonder moment (soms weet ik de Fryske en soms de Nederlandse namen) hynsteblom, swanneblom, bargeblom, bereklauw, slangenkruid, ooievaarsbek, koekoeksbloem, vogelwikke, hondsdraf, kattenstaart, havikskruid. Gelukkig hebben we ook boterbloem, doerebout en stikels.

Alles in een vaas en ik ben een gelukkeling.

Sis it mar   –   Annamarie   –   22 augustus 2016